01-02-2022

Vakmanschap in de kijker: De Mandenvlechter DIY

Wie binnenstapt bij De Mandenvlechter, wil meteen aan het vlechten slaan. De workshopruimte ademt inspiratie. Er hangen prachtige manden en draagtassen aan de muur en vlechtwerk in de vorm van autootjes, koeien en glittervissen. Vier werkbanken staan uitnodigend te wachten op vlijtige handen.

Bij De Mandenvlechter in Stokkem leer je alles over deze mooie ambacht.

Frans Davids heeft twee passies: vlechten en de kunst van het vlechten doorgeven. In De Mandenvlechter DIY geeft hij samen met zijn vrouw Annie Janssen een inkijk in deze boeiende stiel en kan je ze zelf ook ervaren. Met hun nieuwste project willen dochters Inge, Anne-Mie en Veerle de traditie waarborgen voor de toekomst. “De bedoeling is dat ieder die wil leren vlechten hier binnenkomt en zelfstandig een mandje kan leren maken”, legt Frans uit.

De startpakketjes bevatten alles dat je nodig hebt voor een rond, ovaal of hartvormig mandje.

In de workshopruimte staat een lockerkast waarop je digitaal je keuze kan doorgeven en de betaling doet. Er zijn startpakketten voor een rond, ovaal of hartvormig mandje. Daarin vind je al het nodige materiaal: een plankje, de staken, invlechtdraden en een boekje met instructies. Elke werkbank is voorzien van een iPad waarop je de aanwijzingen via een video kan volgen. Daarnaast zijn workshops met begeleiding steeds mogelijk, van een bijzonder verjaardagsfeestje tot een originele schooluitstap of unieke teambuilding.

"Het is fantastisch om een vak door te geven dat er al van oudsher was”, zegt Frans, die van 1974 tot 1985 les gaf in oude ambachten op het domein Bokrijk. “Manden zijn maar één onderdeel. Je leert mensen de basistechnieken die ze dan op verschillende manieren kunnen toepassen om allerhande voorwerpen te maken. Daar doe ik het voor.”

Vlechtersbaas

Bij Frans stroomt het bloed door gevlochten aderen. Zowel zijn ouders als grootouders waren mandenvlechters. “Mijn ouders hebben allebei lesgegeven aan de eerste erkende rietvlechtschool", vertelt Frans. Zijn moeder was zelfs de eerste vrouwelijke docente. Ook bij Annie zat het korven in de familie. Haar grootvader was gespecialiseerd in het maken van vleesmanden. Toch is ze zelf pas na haar huwelijk met Frans beginnen vlechten. “Als je bij iemand slaapt, krijg je zijn vlooien”, lacht ze.

Het is fantastisch om een vak door te geven dat er al van oudsher was.

Dat geen uitdaging te groot is voor Frans bewijst de fotocollage in de workshopruimte. Er hangen foto’s tegen de wand die meer dan 77 jaar creatief vakmanschap vervatten. Hun hele familieleven is verweven met de kunst van het vlechten. De wieg van de kinderen en kleinkinderen werd uitgetekend en gevlochten door Frans zelf. Annie maakte de bekleding. Ook hun salontafel en -zetels zijn zelf gemaakt en al 53 jaar in gebruik. Naast de kunst van het vlechten kreeg Frans ook de creatievrijheid mee van zijn ouders: “Mijn vader maakte liefst iets dat anderen niet maakten. We hebben altijd gewerkt op maat en op tekening, zo blijft het werk ook boeien.” Een toilet in vlechtwerk, een kinderwagen met gevlochten kussentjes, meubelen op basis van een kleine foto, luchtballonnen, het mandje van de Maaseiker Knapkoekers, kruiken voor de Processie van Tongeren, een reuzenstoel en deze zomer ook een slangenzetel. Boeien doet het absoluut.

Voor ieder wat wis

De vlechtnijverheid dateert uit de tijd van de Noormannen. Mensen gingen vlechten om gebruiksvoorwerpen te maken zoals aardappelmanden, plukkorven, later ook wasmanden. Stokkem was lange tijd het centrum van de korverij. Vroeger had iedere korver hier zijn eigen wissenveld langs de Maas. Door de afname in het aantal vlechters en het intensieve onderhouds- en verwerkingsproces van de wissen worden ze tegenwoordig aangekocht.

Frans Davids van De Mandenvlechter is bedreven in de vlechtkunst.

Wissen worden gekapt in het voorjaar, na het vallen van de bladeren. Er zijn drie verschillende manieren om de stengels te verwerken. Grauwwissen of ongeschilde wissen worden na de kap gedroogd en verwerkt tot voorwerpen voor buiten en op het land zoals aardappelmanden. Voor bijvoorbeeld fietsmanden wordt buf of bruine wis gebruikt. De stengels worden niet gedroogd maar gekookt zodat de kleur van de bast zich vastzet op de wis. Daarna worden ze geschild met behulp van een struipijzer. Voor vlechtwerk in het huishouden en de keuken gebruikt men witte wissen. Na het kappen weken de stengels enige tijd in stilstaand water zodat ze opnieuw kunnen uitlopen en blaadjes en kleine wortels krijgen. "Vroeger gebeurde dit roten in de oude Maasarmen," vertelt Frans, "maar op den duur wist niemand nog van wie welke bundels waren!" Na het roten worden de wissen geschild, een taak voor de meisjes. In de struipmaanden april en mei gingen veel meisjes dan ook niet naar school om wissen te schillen.

Met hand en mand

In de workshopruimte van De Mandenvlechter DIY staat de bank waar Frans als kind op heeft leren vlechten. De werkbank boven in het werkhuis is die van zijn vader. “Toen mijne pa niet meer ging vlechten, ben ik op zijn plank gaan zitten. Ik heb echt van mijn hobby mijn levenswerk kunnen maken. Dat is toch prachtig.” De uitleg van Frans valt even stil. Geconcentreerd kijkt hij naar het vlechtwerk in zijn handen. “Hij moet kijken waar hij begonnen is,” legt Annie uit, “daar moet hij ook weer eindigen.” Naast hem kijkt zijn kleindochter Linde even gefocust naar het mandje in haar handen. Zo is de cirkel rond.

Frans en zijn kleindochter Linde vlechten naast elkaar in het workshop lokaal.

Gaan jouw vingers ook jeuken bij het lezen over dit mooie vakmanschap? Boek een workshop bij De Mandenvlechter DIY en ervaar het zelf!